Op de Hofplaats in het centrum van Den Haag is het werk begonnen om de oude fundering van de middeleeuwse Spuipoort uit te graven. Sinds begin deze maand halen vakmensen de bijzondere resten voorzichtig uit de grond. Later krijgen de resten een plek in de nieuwe publieksentree van de Tweede Kamer. Ze worden dan in het ondergrondse deel van de entree teruggeplaatst. Tijdens het blootleggen en uitgraven werken de aannemers samen met een bouwhistoricus en archeologen van de gemeente Den Haag.
De Spuipoort was eeuwenlang een belangrijke ingang van het Binnenhof. Bezoekers, kooplieden en gezanten gingen via deze poort naar het bestuur van Holland. De resten die nu zijn gevonden laten zien hoe de poort in de loop van de tijd veranderde. Er zijn delen van funderingen uit de 14e eeuw gevonden, maar ook stukken van een herbouw in 1404 en een versterking uit 1485. Dat laat zien hoe de poort werd aangepast toen Den Haag groeide.
De resten van de Spuipoort bestaan uit ongeveer 11.000 zogenoemde kloostermoppen. Dat zijn middeleeuwse bakstenen die groter zijn dan de bakstenen van nu. Het uitgraven van de fundering gebeurt bijna helemaal met de hand. Elke steen krijgt een eigen nummer, een gekleurde tyrap en een exacte plek op een kaart. Daarna worden de stenen in genummerde kratten gelegd. Zo kunnen ze later weer op de juiste plek worden teruggezet.